Motokuni Sensei
Huidige Chief Instructor (1924-heden)
Hij werd geboren in de Aichi Prefectuur op 4 oktober 1924. Nadat hij zijn school had beëindigd, bezocht hij de Asia University in 1942. In 1943 werd hij een Shotokan student onder het toezicht van Gichin Funakoshi Sensei en diens eerste zoon Yoshitaka Funakoshi Sensei. Hij behaalde de eerste dan in maart 1944. Na zijn schooltijd trad hij in het marine-vliegerkorps van Tuchiura. In 1945 begon hij een baan aan de Keizai beroepskeuzeschool. Hij trainde Karate-do net zo passioneel verder als in het begin. Hij kreeg les van Masatoshi Nakayama (een oud Takushoku Universiteitsstudent) alsook Isao Kohata en Shuntaro Ito (oude Keio Universiteitsstudenten).
Hij kreeg de 2e dan in 1952 en de 3e in 1953. In 1955 werd hij de directeur van de JKA en kreeg hij de opgave de instructeurs te managen. Het drukke werkschema leidde ertoe dat hij vervroegd op pensioen ging in december 1955. In 1956 trad hij het Karate Associatie Geleide Bureau toe. En tot 1971 ondersteunde hij verschillende Dojo en hoofdkwartieren van de J.K.A. De Kogakuin Universiteit Karate club, de Nihon Universiteit van Landbouw en Dierengeneeskunde Karate Club, de Taisho Universiteit Karate Club, de Tokio Keizai Universiteit Karate Club, de Hitotubashi Universiteit Karate Club en de Chuo Tetsudou Karate club.
Hij behaalde de 4e dan in 1957. In 1958 vroeg de JKA hem regels te maken voor scheidrechters en wedstrijden. In 1957 werd hij minister van de Lichamelijke Opvoeding in het Ministerie van Opvoeding. Vanaf 1959 tot 1963 voldeed hij zijn plichten als minster van Lichamelijke Opvoeding. Intussen wist hij ook nog zijn 5e dan te behalen in 1961.
Vanaf december 1961 was hij betrokken bij het schrijven van het boek: „Karate-do no Kihon“, de basis van het Karate-do. In dit boek werden de misverstanden van de JKA uit de wereld geholpen. In april 1963 behaalde hij de 6e dan en een maand later maakte hij 8 mm filmen voor overzee. Hij gaf zijn baan als directeur van de JKA op en gaf zich helemaal over aan zijn werk als minister van Lichamelijke Opvoeding. In 1968 behaalde hij dan de 7e dan.
Hij werkte ook als president van de Karate Federatie van Koganei en hij was de voorzitter van de Koganei Associatie. In april 1975 werd hij de voorzitter van de Japanse Vechtkunst Sociëteit. Aan het eind van hetzelfde jaar begon hij een column te schrijven voor het tijdschrift „Monthly Karate-do“.
In april 1976 werd hij verheven tot de stand van professor van opvoeding in Azië en 3 maanden later behaalde hij zijn 8e dan. Later in datzelfde jaar begon hij met zijn reis om de wereld om de verschillende Dojo en universiteiten te bezoeken. Jakarta, Surabaya, Yogyakarta, Pierce College, UCLA, Arizona State University, Scottsdale Community College, Temple University, College of PE en de New York State University. In maart 1977 werd zijn theorie over het aanleren van karate geaccepteerd aan de Asia Universiteit. In maart 1989 schreef hij dan ook een boek over de richtlijnen van het Karate-do. In 1990 trok hij zich dan terug van het werk als professor voor de algemene opvoeding en hij werd 1991 aangewezen als de Shuseki Shihan (voorzitter) van de J.K.A. De JKA overhandigde aan hem de 9e dan in april 1992. Momenteel is hij zelfs 10e dan JKA. Peter en Ramon Wewengkang zochten hem op in 2007 in Tokio, zie foto:




